HOME
ZOEKTIPS
LINKS en LITERATUUR
ORGELS
LAATSTE WIJZIGINGEN
OVER ONS
DONATIES


LAATST BIJGEWERKT OP 08-10-2017

Joseph

Ga naar de site van de patroonheilige
 
Parochie/kerkgemeente: H. Joseph
Dekenaat/kerkverband: Roermond
Soort gebouw: Voormalige parochiekerk
Plaats: Leeuwen
Gemeente: Roermond
 
Adres: Burg. T. Wackersstraat 56
Postcode: 6041 AL
 
Kadastrale gegevens: Roermond G 927
Bouwpastoor/bouwpredikant: J.A.J. Boost
 
Kunstenaar(s):
 
Huidig gebruik: Aan de eredienst onttrokken

Afbeeldingen

Voorstellingen: Sint-Jozef met leliestaf en kerkmodel, omringd door werkende mannen; de Verrijzenis van Christus; Maria, omringd door vrouwen.

Meer foto's ››

Foto: augustus 2008

Ruimtelijke context

De Sint-Jozefkerk staat op een lichte verhoging in het landschap op de hoek van de Burg. T. Wackerstraat en de Jules Breukerstaat, op een steenworp afstand van de overweg in de spoorlijn Roermond-Venlo. Aan de linkerkant van de kerk ligt de uit de jaren zestig stammende pastorie. Voor de kerk ligt een klein pleintje. Een verhard pad loopt rondom de kerk, die omzoomd wordt door plantsoenen en bomen. Achter de kerk ligt een weiland. De bebouwing rond de kerk stamt grotendeels uit de jaren tachtig en negentig van de 20ste eeuw. De kerk is geen landmark.

Type

De St. Jozefkerk is een bakstenen zaalkerk met koortoren en een axiaal bankenplan.

Bouwgeschiedenis

Voorgangster

In 1918 werd door de Redemptoristen een volksretraite georganiseerd in een tot kapel omgebouwde feestzaal. Na de volksmissie werd de behoefte gevoeld een eigen kapel of kerk te hebben, zodat men niet iedere keer naar Maasniel ter kerke hoefde te gaan. Elke zondag lazen vanaf 1918 de pastoor of kapelaan van Maasniel de mis in de feestzaal. Onderwijl werd geld ingezameld voor een echte kerk. In 1922-1923 werd de eerste kerk werd gebouwd op de hoek Zandstraat/Burg. Thomas Wackersstraat. Het was een neogotisch zaalkerkje van vier traveeën. Het ontwerp was gemaakt door schrijnwerker L. Mooren uit Leeuwen. Mooren en aannemer Pollaert uit Roermond bouwden gezamenlijk de kerk. Tot 1945 bleef Leeuwen onder de parochie van Maasniel vallen. In 1939 werd echter toegestaan, dat niet één mis maar twee missen mochten worden gelezen. ’s Zondags mocht er tevens lof gehouden worden. Eind 1945 werd kapelaan Boost te Maasniel benoemd, die op termijn de eerste rector van Leeuwen zou worden. Het Sint-Jozefkerkje was inmiddels als gevolg van zware beschietingen door de Engelsen in 1944 vrijwel geheel vernield. Na de oorlog werd besloten de kerk meer centraal te herbouwen, nabij de spoorlijn Roermond-Venlo. Voorlopig werd in de achterzaal van een café van de familie Graus een noodkerk ingericht.

De verwoeste kerk van Leeuwen. Bron: De verwoeste kerken in Limburg / A. van Rijswijck, pr. -1946

Huidige kerk

In september 1946 was de sloop van de restanten van de oude kerk al aanbesteed. Pastoor Honee had samen met de planologische dienst een bezoek gebracht aan Leeuwen, aangezien ir. Kleijnen een uitbreidingsplan zou gaan maken.De nieuwe kerk zou zo’n 450 zitplaatsen gaan bevatten. In een brief aan het bisdom verlegde bouwrector Boost uit waarom hij haast maakte: ‘Omdat het van het grootste belang is, dat deze kerk (en alle nieuw te bouwen kerken) er spoedig komt, daar de noodkerken de jeugd geen respect inboezemen voor het “Het Huis van God” en zelfs bij de ouderen het gevoel om de zondagsplicht te vervullen afstompt. Bewijzen zijn er al vele’. De Roermondse architect Jan Bongaerts werd benaderd voor de plannen van de nieuwe kerk. Hij wilde een wezenlijke eigenschap van het Christendom n.l. de gemeenschapsgedachte herstellen. Derhalve hij ontwierp een kerkgebouw in de vorm van een Grieks kruis. Het altaar zou midden in de kerk onder de koepel komen. Vanuit de brede en ondiepe transepten had iedereen een onbelemmerd zicht op het altaar. Dit voor Leeuwen grootse plan was te ambitieus. In oktober 1946 was duidelijk dat er slechts een noodkerk gebouwd zou worden. De firma Scheepers en Zn. te Roermond bouwde de kerk voor circa 51.000 gulden. Het Sint-Jozefkerkje werd op 29 mei 1948 in gebruik genomen. Uit een brief van 24 september 1949 van het kerkbestuur aan het ministerie van Wederopbouw en Volkshuisvesting blijkt hoe zuinig de kerk gebouwd is: er waren slechts halfsteensmuren, de dakbedekking was gemaakt van rubberroid, dakgoten ontbraken evenals houten vloeren. Bovendien was de kerk te klein. Dit probleem leidde ertoe, dat in 1955 plannen gesmeed werden om de noodkerk tot parochiehuis te bestemmen en een grotere parochiekerk te bouwen. Hiervan kwam niets terecht. De uitbreidingsplannen voor Leeuwen, waarvan begin jaren zestig sprake was, werden evenmin gerealiseerd, zodat een grotere kerk wederom uit het zicht verdween.

Veranderingen

In 1973 werd een nieuwe plafond gemaakt mede om de stookkosten te drukken. Drie jaar later werden houten vlonders onder de banken gelegd. In 1983 was het duidelijk dat een nieuwe kerk financieel niet meer tot de mogelijkheden behoorde en werd de kerk opgeknapt. Bij die gelegenheid werd het priesterkoor verbouwd. Het houten vieringaltaar kwam dichter bij de gelovigen te staan. Het tabernakel werd rechts van het altaar gezet. Aan beide zijden van het altaar kwamen bakstenen ambones. In 2000 werden kunststof voorzetramen, gevat in aluminium profielen, geplaatst. Inmiddels is de kerk aan de eredienst onttrokken.

Exterieur

Foto: augustus 2008

De kerk heeft een tuitgevel bekroond met een clocher-arcade met één luidklok. Op de arcade staat een smeedijzeren kruis. In het midden een deur, waarboven een van houten roeden voorzien rondboograam. De houten deuromlijsting is versierd met een haut-reliëf en eindigt in een puntgevel. Het muurwerk is opgetrokken in gele baksteen in klezorenverband. Het schip heeft vijf door steunberen van elkaar gescheiden traveeën. Het overstekende zadeldak is met shingles belegd en dekt ook de steunberen van boven af. Houten korbelen ondersteunen de daken van schip en toren. Het priesterkoor bestaat uit een vierkante koortoren met tentdak. Ter weerszijden van de toren staan de sacristieën. Deze hebben lessenaardaken en leunen tegen de toren aan. De toren heeft aan drie zijden twee rondboogramen. Aan de achterzijde zijn bovendien nog drie vierkante ramen aangebracht.

Interieur

Zicht op het priesterkoor

Zicht op de zangtribune

De kerk via de hoofdingang betredend komt men uit in een klein portaaltje. Een dubbele deur geeft toegang tot het schip. De zangtribune rust op twee achthoekige zich verjongende, betonnen pilaren met kapitelen. Het schip is een rechthoekige zaal met een wit systeemplatenplafond, dat aan de binnenzijde tegen de kapconstructie van het zadeldak gemonteerd is. Het koor is een trede hoger dan het schip met op de hoeken gemetselde ambones. Drie treden geven toegang tot het oude priesterkoor, dat van het schip afgescheiden is door een ronde triomfboog. In de sluitmuur van het koor zijn drie gebrandschilderde ramen geplaatst. Aan weerszijden van het koor bieden houten rondboogdeuren toegang tot de twee sacristieën. De vloeren van het schip zijn belegd met lichtgrijze tegels, die rond de vlonders van de banken met donkerrode tegels zijn afgebiesd. Op het lage deel van het koor liggen travertijn en tegels. Het hoge deel van het koor is van vloerbedekking voorzien.

(Bron: Dr A. Jacobs en Drs. A.A. Wiekart – Kerken na 1940. Inventarisatie en waardenstelling kerkelijke bouwkunst na 1940 –Roermond – Stichting Monumentenhuis Limburg, 2003).

Orgel

In 1957 werd het tot dan toe gebruikte harmonium vervangen door een eenmanuaals unit-orgel van Verschueren Orgelbouw (Heythuyzen).

Bron: G.M.I.Quaedvlieg – Orgeldocumentatie Limburg (Stadsbibliotheek Maastricht)

Afbeeldingen

Voorstellingen: Sint-Jozef met leliestaf en kerkmodel, omringd door werkende mannen; de Verrijzenis van Christus; Maria, omringd door vrouwen.

Het tabernakel is opgenomen in een houten ombouw. Aan de voorzijde twee deuren met op elke deur een knielende engel in een spitsboognis.

 
Joseph
Joseph
Joseph
Joseph
Joseph
Joseph
Joseph