HOME
ZOEKTIPS
LINKS en LITERATUUR
ORGELS
LAATSTE WIJZIGINGEN
OVER ONS
DONATIES


LAATST BIJGEWERKT OP 12-11-2017

Vier Evangelisten

 
Parochie/kerkgemeente: De Vier Evangelisten
Dekenaat/kerkverband: Maastricht
Soort gebouw: Parochiekerk
Plaats: Malberg
Gemeente: Maastricht
 
Adres: Dukaatruwe
Postcode: 6218 CR
Coördinaten: x: 174146, y: 319367
 
Kadastrale gegevens: Maastricht N 247
Bouwpastoor/bouwpredikant: J. Linden OFM
 
Architect(en):
 
Kunstenaar(s):
 
Huidig gebruik: R.K. Kerk

Glas-in-lood, Eugène Laudy, Atelier Flos Tegelen, 1983. Non-figuratief. Het eerste raam rechts naast het altaar is gesigneerd. Naast altaar.

Glas-in-lood, Eugène Laudy, Atelier Flos Tegelen, 1992. 64 panelen non-figuratief. Boven en naast de hoofdingang.

Zie voor afbeeldingen: Glasmalerei

Meer foto's ››

Foto: maart 2010

Ruimtelijke context

De Vier Evangelisten ligt te midden van woonhuizen aan een grasveldje. De kerk ontbeert een toren en is daarom geen landmark.

Type

Niet georiënteerde, bakstenen - met toepassing van beton - zaalkerk met plat dak op rechthoekig grondplan. De stoelen zijn centraal opgesteld.

Bouwgeschiedenis

Noodkerk

In samenwerking met het KASKI werd begin 1964 voor de Maastrichtse wijk Malberg een nieuw parochieconcept ontwikkeld. De stedenbouwkundige planning was al gereed. Binnen de wijk, die voor Limburgse begrippen met circa negenduizend inwoners uitzonderlijk groot werd, waren vijf locaties beschikbaar voor bijzondere bebouwing. De wijk als zodanig werd verdeeld in vier units. Aangezien een behoorlijk percentage van de toekomstige inwoners van Malberg zou bestaan uit ‘onmaatschappelijken’, die, zo werd geoordeeld, intensieve religieuze en maatschappelijke begeleiding nodig hadden, werden vier kleinere kerkjes gepland. In elk van de vier units één. Tussen de units, centraal in de wijk, zou de pastorieflat verrijzen waar de circa tien franciscaner paters en broeders gehuisvest moesten worden. Bij elk naar een van de vier evangelisten vernoemd kerkje kwam een kleuterschool en een kantoortje van het maatschappelijk werk. De lagere school en de diensten van sociaal-cultureel en sociaal-medische aard lagen in het centrum van Malberg in de buurt van de pastorie. De maatschappelijk-religieuze situatie veranderde in de loop van de jaren zestig zo drastisch dat dit experiment slechts voor een klein deel, de bouw van de multifunctionele kerk De Vier Evangelisten, werd gerealiseerd.

Huidige kerk

Bouwrector Linden vroeg 20 april 1964 verlof aan het bisdom om architect Harry Koene te benaderen voor het bouwen van de nieuwe kerk. Men ging hiermee akkoord, maar bepaalde wel dat Koene slechts één kerk met 450 zitplaatsen mocht ontwerpen en niet alle vier. De kerk van Malberg werd overigens niet door Harry Koene zelf maar door zijn zoon Pieter ontworpen. Koene leverde de eerste plannen  in op 21 augustus 1964. Het duurde bijna twee jaar voordat zijn bijgewerkte plannen goedgekeurd werden omdat men aanvankelijk wat problemen had met de proporties van de kerk. Later werd duidelijk dat het plan om op Malberg vier kerkjes te bouwen niet meer realistisch was vanwege de sterk teruglopende dominicantiecijfers. Koene presenteerde in juli 1966 een ‘praatplan’. Het kerkbestuur wenste een kerk die voor verschillende doeleinden te gebruiken was. Een sacrale ruimte moest bij de rest van het gebouw betrokken, dan wel afgescheiden kunnen worden. De ontwerpen van Koene van augustus 1966 hielden daarmee rekening. De dagkerk zou met tabernakel en doopvont een sacrale ruimte worden, terwijl de grote ruimte een multifunctioneel karakter had met een verplaatsbare altaartafel. De WGA en de BBC gingen op 29 augustus en 26 september 1966 akkoord met Koenes plannen. De aanbesteding vond plaats op 15 maart 1967. Betonbouw Bartels NV kwam als laagste inschrijver uit de bus. De wand- en vensterbanktegels en het sanitair werd gratis geleverd door de MOSA en Sfinx. Nog voor de oplevering werd de kerk al gebruikt voor een carnavalsviering. Hulpbisschop E. Beel zegende de kerk op 7 april 1968 in.

Veranderingen

Vanaf het begin was er bezwaar tegen het dubbelgebruik van de ‘kien- en carnavalskerk’. Het kerkbestuur besprak de situatie op 26 november 1979 met de DCPB. De Vier Evangelisten lag excentrisch in Malberg. Het kerkbestuur wilde het liefst een nieuwe kerk die meer centraal lag. De DCPB kwam, vanwege de hoge kosten die daaraan verbonden waren, met het voorstel De Vier Evangelisten te verbouwen en alleen nog als kerk te gebruiken. Voor de verenigingen diende dan een nieuw onderkomen gerealiseerd te worden. Het kerkbestuur richtte zich in april 1980 tot B en W van Maastricht om te verklaren dat de verenigingen vanaf 1 juli van dat jaar niet meer welkom waren in De Vier Evangelisten. Het dubbelgebruik hinderde het kerkelijk gebruik, terwijl de verenigingen ook niet ongestoord hun gang konden gaan. Het kerkbestuur pleitte voor de bouw van een nieuw gemeenschapshuis. Architect Pieter Koene kreeg de opdracht het verbouwingsplan te ontwerpen. De kerk zou intiemer en sacraler gemaakt worden door de glaswand in de voorgevel deels met muurdammen te vullen. Ook werd er een vast altaar opgesteld. De bouwwerkzaamheden werden uitgevoerd door aannemer Lardinoije BV uit Maastricht. De verbouwde Vier Evangelisten werd door Mgr. Castermans op 1 mei 1983 geconsacreerd. De verbouwing mag uitermate geslaagd genoemd worden.

Exterieur

Foto: maart 2010

Tegen de voorgevel van de kerk staat onder een plat dak de rechthoekige ingangspartij, die uit drie delen bestaat. Links en rechts staan gesloten betonnen compartimenten. De betonwanden zijn in verticale zin geribbeld. Tussen deze blokken springt een luifel iets naar voren. De luifel wordt in het ondersteund door twee gemetselde muurdammen. Daartussen hangen twee enkele en een dubbele houten deur. Het dak van de ingangspartij heeft vier plexiglazen lichtkoepels. De voorgevel is ritmisch geleed door negen uitspringende bakstenen muurdammen, waartussen zich rechthoekige raampartijen bevinden, die van de dakrand doorlopen tot het maaiveld of het dak van de ingangspartij. De dakrand is van beton. Smalle betonnen pijlers lopen vandaaruit tussen de muurdammen en het glas door naar beneden. Het platte dak is met bitumen bedekt. De blinde zijwanden zijn geheel uit baksteen opgetrokken. De achterwand van de kerk is op dezelfde wijze uitgevoerd als de voorgevel. Grijze uit betonblokken opgetrokken muren, die vroeger ajour waren, maar thans met baksteen zijn opgevuld, vormen de verbinding tussen de kerk en de daarachter gelegen witgeverfde dienstruimtes. De achtergevel van de dienstruimtes heeft eveneens een van ‘cannelures’ voorziene betonnen uitbouw die geflankeerd wordt door ingangsportaaltjes. Aangezien de kerk in een flauwe helling ligt, zijn onder dit deel van het gebouw een reeks kelderramen zichtbaar.

Interieur

Zicht op het liturgisch centrum

Achter de hoofdingangen ligt de hall die door vier lichtkoepels wordt verlicht. Het muurwerk is uitgevoerd in schoon metselwerk in wild verband. Op de vloer liggen tegels en het plafond is van hout. Twee glazen tochtdeuren geven toegang tot de kerkzaal. Deze is voorzien van uitgewassen grindvloeren. De wanden zijn uitgevoerd in schoon metselwerk. De ruwhouten plafonds hebben verticaal en horizontaal lopende vlakken, waardoor een speels effect ontstaat. Centraal tegen de achterwand staat het liturgisch centrum, dat door zijn crèmekleurige travertijnen vloer en witte achterwand en verlaagd plafond alle aandacht trekt. Het supedaneum is slechts een trede hoog. De lezenaar en het altaar zijn hierop geplaatst. Rechts van het liturgisch centrum staat de doopvont. Twee bakstenen zichtwanden laten in het midden het zicht vrij op een witgestukadoorde wand, waarin recht achter het altaar het tabernakel is gesitueerd. Achter de linker zichtwand is een doorgang naar de dagkerk en de dienstruimtes. De dagkerk heeft dezelfde uitvoering als de kerkzaal: grindvloeren, houten plafond en schoon metselwerk. Een grote glasgevel biedt uitzicht op een van de patio’s. Andere kant van de dagkerk loopt een gang, ook aan die zijde ligt een patio. De dienstruimtes bestaan uit sacristie, misdienaarsacristie, vergaderzaal, keuken, toiletten, bergruimtes etc.

(Bron: Dr A. Jacobs en Drs. A.A. Wiekart – Kerken na 1940. Inventarisatie en waardenstelling kerkelijke bouwkunst na 1940 –Roermond – Stichting Monumentenhuis Limburg, 2003).

Orgel

Sedert 1974 beschikt deze kerk over het in 1958 door Verschueren Orgelbouw (Heythuyzen) voor het Carmelietenklooster te Merkelbeek gebouwde eenmanuaals orgel; bij de plaatsing te Maastricht werd 1 stem gewijzigd.

                               Manuaal                                                                            Pedaal

                               Prestant 8’                            Roerfluit 4’                           Subbas 16’

                               Bourdon 8’                           Kwint 2 2/3’                          Octaaf 8’

                               Octaaf 4’                               Mixtuur III-IV                       Gedektbas 8’

Bron : G.M.I.Quaedvlieg – Orgeldocumentatie Limburg (Stadsbibliotheek Maastricht)

Glas-in-lood, Eugène Laudy, Atelier Flos Tegelen, 1983. Non-figuratief. Het eerste raam rechts naast het altaar is gesigneerd. Naast altaar.

Glas-in-lood, Eugène Laudy, Atelier Flos Tegelen, 1992. 64 panelen non-figuratief. Boven en naast de hoofdingang.

Zie voor afbeeldingen: Glasmalerei

Achthoekige sokkel met daarop een achthoekige, zich naar beneden verjongende schacht die een ronde uitkragende vont draagt. Op het doopbekken ligt een roodkoperen deksel

Op het koor.

Tabernakel, geelkoper, ca. 1900. Voorstelling: reliëf van vis en een korf met vijf broden. Het tabernakel is in een travertijnen omlijsting. In de kerk.

Tabernakel, brons en roodkoper, XXB. Voorstelling: het kruis van Jeruzalem omgeven door de symbolen van de vier evangelisten. In de dagkerk.

Twee rechthoekige stipes met daarop een mensa.
 
 
 
Vier Evangelisten
Vier Evangelisten
Vier Evangelisten
Vier Evangelisten
Vier Evangelisten
Vier Evangelisten
Vier Evangelisten
Vier Evangelisten
Vier Evangelisten