HOME
ZOEKTIPS
LINKS en LITERATUUR
ORGELS
LAATSTE WIJZIGINGEN
OVER ONS
DONATIES


LAATST BIJGEWERKT OP 20-02-2017

Antonius van Padua

Ga naar de site van de patroonheilige
 
Parochie/kerkgemeente: H. Antonius van Padua
Dekenaat/kerkverband: Heerlen
Soort gebouw: Voormalige parochiekerk
Plaats: Vrank
Gemeente: Heerlen
 
Adres: Beersdalweg 62
Postcode: 6412 PE
Coördinaten: x: 194900, y: 324072
 
Rijksmonumentennummer: 512730 Code: 6412PE-00062-01
Kadastrale gegevens: Heerlen C 5617
Bouwpastoor/bouwpredikant: Pater Bernardus Teunissen O.F.M.
 
Architect(en):
 
Kunstenaar(s):
 
Huidig gebruik: Per november 2016 aan de eredienst onttrokken

Klooster met daarnaast de kerk. Het klooster is in 2007 verlaten. Foto: juli 2005

Redengevende omschrijving Rijksdienst voor de Monumentenzorg

Inleiding

 

ROOMS-KATHOLIEKE KERK ter ere van Sint Antonius van Padua, gebouwd in 1929 naar een ontwerp van architect F.P.J. Peutz. De bouwstijl van de kerk is traditionalistisch met invloed van de Neo-Gotiek. De kerk is aan de rechterzijde verbonden met het klooster van de Franciscanen. (Het klooster is in 2007 verlaten). De kerk werd gebouwd voor de geestelijke verzorging van de mijnwerkers in de  Huskenskolonie. Deze kolonie is inmiddels afgebroken. Met het oog op gevaar voor mijnscheuren werden ijzeren kapspanten toegepast in plaats van houten spanten. Beeld links naast de entree van de kerk is afkomstig van de Sint Franciscus van Assisië-kerk aan de Laanderstraat in Heerlen.

Foto: Wim Koops

Omschrijving

Eenbeukig halfvrijstaand kerkgebouw. Haaks op de linkerzijgevel en de  rechterzijgevel ter hoogte van de absis een aanbouw van een kinderkapel. Kerkgebouw aan de rechterzijde verbonden met kloostergebouw der  Franciscanen.  Het toegepaste bouwmateriaal is baksteen. Verspringende zadeldaken gedekt met Hollandse pannen.  Dak ter hoogte van de absis bekroond met slanke vieringstoren en voorzien van ramen met bladlancetten. Klokkenstoel met gelui bestaande uit twee klokken van onbekende gieters, diam. resp. 70 cm en 79 cm.  Vooruitspringend INGANGSPORTAAL met trapsgewijs terugspringend  spitsboogvormig metselwerk. Frontgevel van portaal met schouderstukken, en topgevel met sluitsteen in kunststeen. Drie toegangstreden in baksteen. In dit portaal vier rechthoekige houten deuren met kleine panelen, waarvan twee deuren in de zijwanden. Twee toegangsdeuren terugliggend en met omlijsting in hardsteen en gescheiden door sculptuur in hardsteen met een voorstelling van Sint Antonius vervaardigd door Charles Vos. Aan de bovenzijde van deze twee deuren in timpaan eveneens een sculptuur in hardsteen met een voorstelling van Christus. Muren rond de entree bekleedt met platen hardsteen. Portaal met plafond met baksteen kruisribgewelf. Aan weerszijden van de toegang en in de zijgevels van het portaal smalle hoge venstertjes. Aan bovenzijde van het portaal in de topgevel van het middenschip een rond glas-in-lood venster.  ZIJGEVELS van de kerk tellen zes venstertraveeën gescheiden door lisenen in baksteen. In elke travee een driedelig glas-in-lood venster met een stompe spitsboogvorm. Onder de dakrand een bloktand versiering in baksteen.  De zijgevels van de twee kinderkapellen tellen drie venstertraveeën. In  elke travee drie rechthoekige glas-in-lood vensters. Aan de benedenzijde van de vensters afgeschuind metselwerk.  In de kopgevel van de kinderkapel aan de linkerzijde van de absis een  rechthoekige houten deur met aan de bovenzijde een spitsboogvormige nis met hierin gekleurd ceramiek met een voorstelling van Sint Barbara, patrones van de mijnwerkers. In de kopgevel van de kinderkapel aan de rechterzijde van de absis een spitsboogvormige nis aan de bovenzijde van de deur met hierin gekleurd ceramiek met een voorstelling van Sint Bernardus. Aan de bovenzijde van de deur een rond glas-in-lood venster.  Kopgevel van beide kinderkapellen met schouderstukken en topgevelbekroning in kunststeen.  Het absisgedeelte bezit een hoger dak bekroond met torentje. In de  zijgevels van dit gedeelte, boven de kinderkapellen een groot glas-in-lood venster met baksteen tracering en met een stompe spitsboogvorm. De venstertracering heeft een bloem/blad-vorm.   Aan de achterzijde van de absis een uitbouw met schuin dak. In de oksel van deze uitbouw en de kinderkapel aan de linkerzijde een kleine  sacristie-ruimte met lessenaarsdak. Dak van sacristie-ruimte verdiept  gelegen. Sacristieruimte met rechthoekige houten deur met aan weerszijden een rechthoekig venster met tralies. In de oksel van deze uitbouw en de kinderkapel aan de rechterzijde een uitbouw met lessenaarsdak met hierin de verwarmingsketel.

Foto: december 2005

Van het INTERIEUR zijn onder meer van belang: kerkvloer met leisteen  tegels; spits toelopend houten plafond rustend op stalen balken, op deze stalen balken schilderingen van Charles Eijck met voorstellingen van  engelen. Vensters in de zijgevels gebrandschilderd door Charles Eyck. Tegen de zijgevels veertien kruiswegstaties in verglaasde keramiek vervaardigd door Charles Vos. Altaarvloer van omstreeks 1970. Vóór het altaargedeelte een grote spitsboog in baksteen ; altaargedeelte met kruisribgewelf; achter het altaar een muurschildering door Charles Eyck. Hoofdaltaar en beide zij-altaren in grijs-bruine marmer. Hoofd-altaar met hierop een tabernakel en kruis in koper, en koperen kandelaars. Maria-altaar aan de linkerzijde met hierop een beeld in keramisch materiaal.   Aan het plafond ter hoogte van het hoofd-altaar een afbeelding van Maria op een houten paneel met hieromheen een stralenkrans in hout. In de zijgevels van het hogere altaargedeelte twee grote glas-in-lood vensters met aan de linkerzijde een Christusraam en aan de rechterzijde een Maria-raam. Beide vensters naar een ontwerp van Charles Eyck.   In de voormalige kinderkapellen aan de linker- en rechterzijde van het  altaar in beide zijgevels negen glas-in-lood vensters naar een ontwerp van glazenier René Smeets. In de achterwand een rond glas-in-lood venster naar een ontwerp van René Smeets. Vloer in deze ruimten van omstreeks 1970. Het oxaal rust op een drietal spitsbogen in baksteen. Onder het oxaal aan de linkerzijde een Barbara-beeld van Charles Vos. In de baksteen balustrade van het oxaal op de hoeken aan beide zijden een sculptuur in steen van Charles Vos. Onder het oxaal een tweetal beelden in keramiek van Charles Vos. Boven het oxaal een rond glas-in-lood venster van glazenier Hub Levigne van omstreeks 1950.  De doopkapel rechtsachter in de kerk door smeedijzeren hek afgescheiden van kerkruimte. In de doopkapel een doopvont met kuip in bruine marmer en met koperen deksel. Achter de doopvont aan de wand een Calvariegroep in keramisch materiaal.  De oorspronkelijke doopkapel bevond zich in een ruimte tussen kerk en  klooster bij de verbindingsgang. Deze ruimte is thans niet meer als zodanig in gebruik.

Zicht op het priesterkoor. Foto: Wim Koops

Waardering

Het kerkgebouw is van cultuurhistorische waarde als bijzondere uitdrukking van een geestelijke en typologische ontwikkeling.  Het kerkgebouw met klooster bezit architectuurhistorische waarde vanwege het bijzonder belang voor de geschiedenis van de architectuur, als voorbeeld van een "Gesamtkunstwerk" binnen het oeuvre van architect F.P.J. Peutz, wegens de hoogwaardige esthetische kwaliteiten van het ontwerp en de ornamentiek. Ensemblewaarde ontleent het kerkgebouw aan de situering: aan de rechterzijde verbonden met het klooster van de Franciscanen en in de directe nabijheid van de voormalige mijnwerkerskolonie Husken, welke inmiddels is afgebroken, en daarmee van belang voor het aanzien van dit deel van de gemeente Heerlen. Het kerkgebouw is van algemeen belang wegens de architectonische gaafheid van het exterieur en een het interieur; vanwege de belangwekkende inrichting met werk van een keur van Limburgse kunstenaars o.a. Ch. Eyck, Ch. Vos, R. Smeets en H. Levigne; en de hoge mate van architectuurhistorische zeldzaamheid. (Datum: 14-07-1999).

Ook het aangrenzende klooster is een Rijksmonument ( 512731). Voor redengevende omschrijving zie verderop. 

Zie verder ook: http://www.rijckheyt.nl/sjablonen/rijckheyt/pagina.asp?subsite=100&pagina=342

Voor informatie over het Dekenaat Heerlen zie ook http://www.dekenaatheerlen.net/

Ruimtelijke context

De kerk van Antonius van Padua verbond vroeger de mijnwerkerswijken Vrank en Huskes. Door de aanleg van een ringweg en verdere 'stedebouwkundige' ontwikkelingen ligt de kerk nu volkomen geïsoleerd aan een doodlopende ventweg van de ringweg. Rechts naast en tegen de kerk staat de het klooster van de Minderbroeders, dat nog steeds wordt bewoond. Links ligt een grasveld met hoge bomen. De voormalige meisjeskapel sluit het grasveld af. De omgeving oogt nu tamelijk desolaat. Bel gerust aan bij klooster als u deze schitterende kerk wilt bezoeken. De kans is groot dat er iemand aanwezig is om u binnen te laten. (Het klooster is helaas in 2007 door de Franciscanen verlaten. Wel is er iedere derde zondag van de maand een koempelmis voor de verongelukte mijnwerkers.)

Bouwgeschiedenis

In 1926 ontving de Franciskaanse geestelijke, pater Bernardus Teunissen van de bisschop van Roermond en van zijn Provinciaal de opdracht om voor de mijnwerkerswijk Vrank-Huskes een kerk te bouwen. In de wijk woonden 2000 mijnwerkers van 13 verschillende nationaliteiten met, naast Nederlanders,  Polen, Hongaren, Oostenrijkers, Tsjechen, Italianen en anderen. Pater Teunissen was kennelijk goed in het 'bijelkaar bedelen' van financiën want reeds in 1930 kon de kerk van de toen nog jonge architect Frits Peutz worden ingezegend door deken Nicolaye van Heerlen. 

Peutz maakte er in verschillende opzichten een kunstwerk van. Technisch door vernuftig gebruik van beton en staal om toekomstige mijnschade te voorkomen. De stalen, gotiserende bogen met in de punt een scharnierachtige verbinding zijn in het interieur heel goed zichtbaar. Aan de achterkant van de kerk is het betonnen fundament duidelijk zichtbaar. De constructie is succesvol gebleken. De kerk doet qua stijl verder denken aan andere kerken, die de Franciscanen in deze tijd bouwden: de St. Franciscuskerk van de Laanderstraat, de nu gesloopte kerk van de Martelaren van Gorcum aan de Sittarderweg en de kapel van St. Bernardinus aan het Bernardinuscollege aan de Akerstraat.

Maar wellicht belangrijker nog is het feit, dat Peutz direct vanaf het begin (soms nog jonge) Limburgse kunstenaars bij de bouw heeft betrokken. In de kerk zelf zijn dat vooral Charles Eyck (glas-in-lood en muurschildering) en Charles Vos (keramische beelden inclusief kruisweg). In de jongens- en de meisjeskapel en in de sacristie zijn ook glas-in-loodramen van René Smeets, Reinald Rats, Henri Jonas en H. Schoonbrood te bewonderen.

Jammer is, dat de beide kapellen vanwege energiekosten niet meer direct verbonden zijn met het koor, waardoor een deel van het effect verloren is gegaan.

In november 2016 os de kerk aan de eredienst onttrokken.

Type

De Antonius-van-Paduakerk is een eenbeukige, bakstenen, gotiserende kerk, verbonden met een klooster van de congregatie van Minderbroeders, in dezelfde stijl. Het koor is verhoogd en heeft een dakruiter. De kruisvorm wordt bereikt door een jongens- en een meisjeskapel rechts en links tegen het koor. De kerk is op te vatten als een Gesamt-kunstwerk

Exterieur

Voorzijde van de kerk. Foto: juli 2005

Achterzijde met vooraan de Bernarduskapel. Foto: juli 2005

De bakstenen kerk heeft een ingang, gesierd met een gotiserende boog, waaronder twee houten deuren, gescheiden door een gebeeldhouwde middenstijl, waarin we aan de voorzijde Antonius en aan de zijkanten twee engelachtige figuren onderscheiden. Boven de deuren is een boogvormig timpaan met een afbeelding van de God. Aan de zijkanten zijn in het ingangsportaal deuren naar een rechter en linker narthex. De koorkant (achter) is verhoogd en op het dak daarvan prijkt een vrij iele, spitse toren (dakruiter). Links en rechts van het koor liggen de voormalige meisjes- en jongenskapel. De daken zijn nieuwgedekt met lichtrode, deels ook roodzwarte, pannen. De dakruiter is gedekt met leien. Rechts aan de achterzijde, aan de zuid-oostkant, ligt de ingang naar de Bernarduskapel, de voormalige jongenskapel, die nu dienst doet als dagkapel.

Interieur

 

Priesterkoor met muurschildering op baksteen van Charles Eyck. Foto: juli 2005

Zicht op de zangtribune met het roosvenster van Huub Levigne. Foto: december 2005

In de kerk vallen de stalen bogen, die Peutz gebruikte om mijnschade te voorkomen, goed op. Overigens gaven deze bogen Peutz ook de mogelijkheid om een breed schip te creëren, zodat zijschepen onnodig waren. Vanuit de hele kerk heeft men zo zicht op de handelingen op het priesterkoor.

Aan de 'vrouwenzijde', links, zijn 6 grote glas-in-loodramen van Charles Eyck te bewonderen. Ze stellen in Europa (denk aan de internationale gemeenschap in de mijnwerkerswijk) populaire vrouwelijke volksheiligen voor: Theresia, Barbara, Elisabeth van Thüringen, Agnes van Montepulciano, Clara en Maria. Aan de 'mannenkant', rechts, zijn afbeeldingen van de Fransicanen Franciscus, Antonius, Bernardinus en Paschalis aangebracht met in het midden Koning Lodewijk de Heilige van Frankrijk, die lid was van de derde orde van St. Franciscus.

In het koor maakte Charles Eyck een grote muurschildering van de Goede Herder op baksteen.

Naast Charles Eyck zijn in de kerk heel veel keramische kunstwerken van Charles Vos te bewonderen. Op de eerste plaats een schitterende kruisweg van 14 staties, maar daarnaast twee zijaltaren en losstaande beelden.

De jongenskapel bevat 18 glas-in-loodramen (en een rozet) met afbeeldingen, bedoeld om de jongens 'op te voeden' in kerkelijke deugden en vooral een voorbeeld te nemen aan degenen, die geen zonden bedreven. De ramen zijn van René Smeets, Reinald Rats en H. Schoonbrood.

De meisjeskapel bevat eveneens 18 stichtelijke glas-inloodramen en een rozet. Deze werken zijn van opnieuw René Smeets en van Henri Jonas.

In de sacristie achter het koor bevinden zich 5 glas-in-loodramen, vier van H. Schoonbrood en het middelste van Charles Eyck.

In het klooster zijn nog veel glas-in-loodramen van Charles Eyck aanwezig.

Redengevende omschrijving Rijksdienst voor de Monumentenzorg mbt klooster

Inleiding

 

In 1929 in de stijl van het Traditionalisme gebouwd KLOOSTER ter ere van Sint Antonius van Padua. In het klooster is tevens een pastorie  ondergebracht. Klooster en pastorie zijn gebouwd naar een ontwerp van  architect F.P.J. Peutz.   Het klooster is tegen de rechterzijgevel van de kerk ter ere van Sint  Antonius van Padua gebouwd.   Aan de binnenplaatszijde van het klooster is een aanbouw in een bouwlaag met plat dak gerealiseerd. Deze aanbouw is uitgesloten van bescherming. De aanbouw aan de rechterzijgevel in een bouwlaag met zadeldak is eveneens uitgesloten van bescherming. Dit geldt eveneens voor de aanbouw met plat dak aan de achtergevel.

Omschrijving

Kloostergebouw op L-vormige plattegrond. Samen met het middenschip en de rechter kruisarm van de kerk vormt het klooster een carré-vormig gebouw  rond een kleine binnenplaats.  Het kloostergebouw telt twee bouwlagen en een dakverdieping. Zadeldaken met Hollandse pannen. Dakvensters van omstreeks 1990. Houten vensters en deuren. In de frontgevel vensters met kunststof  kozijnen. Het toegepaste bouwmateriaal is baksteen en kunststeen.  Rechterdeel FRONTGEVEL vooruitspringend en uitlopend in een topgevel.  Topgevel met kunststenen schouderstukken en sluitsteen, en vlechtingen als muurafdekking.  In linkerdeel van vooruitspringend geveldeel een portiek met aan twee  zijden een spitsboogvormige toegang. Rechthoekige houten toegangsdeur met aan weerszijden en aan bovenzijde smalle vensters met kleine glazen  bouwstenen. Venstertje aan bovenzijde in een trap-vorm.  Aan de rechterzijde van de entree een klein smal venster en in de topgevel twee smalle hoge vensters. Venster met baksteen dorpelstenen en strek.  In de RECHTERZIJGEVEL vensters met houten kozijnen en met authentieke  roedeverdeling. Aan het middendeel van de rechterzijgevel in de eerste  bouwlaag een aanbouw in een bouwlaag met een zadeldak met Hollandse pannen.  Aan de ACHTERGEVEL van de kloostervleugel een aanbouw van omstreeks 1980in een bouwlaag met plat dak.  In de achtergevel kunststof vensterkozijnen.  Achtergevel uitlopend in een topgevel met kunststenen schouderstukken en sluitsteen.  Achtergevel van kloostervleugel en de rechterkruisarm van de kerk met  elkaar verbonden door een kloostergang in een bouwlaag met plat dak.

Van het INTERIEUR van het klooster is het volgende van belang.  Ontvangsthal met tegelvloer met rode en zwarte tegels. Authentieke voordeur met rondom venstertjes met gekleurde glazen bouwstenen.

Waardering

Het kloostergebouw is van cultuurhistorische waarde als bijzondere  uitdrukking van een geestelijke en typologische ontwikkeling.  Het kloostergebouw met kerk bezit architectuurhistorische waarde als  voorbeeld van een "Gesamtkunstwerk" binnen oeuvre van architect F.P.J.  Peutz. Ensemblewaarde ontleent het kloostergebouw aan de situering: aan de  linkerzijde verbonden met de kerk ter ere van Sint Antonius van Padua en in de directe nabijheid van de voormalige mijnwerkerskolonie Husken, welke inmiddels is afgebroken, en daarmee van belang voor het aanzien van dit deel van de gemeente Heerlen. (Datum: 14-07-1999).

Orgel

Foto: juli 2005

In 1935 plaatsten Gebr.Vermeulen (Weert) in deze kerk het eerste door hen gebouwde electro-pneuma-tische orgel; een tweemanuaals instrument. 

               Hoofdwerk                            Zwelwerk                              Pedaal

 

                Bourdon 16’                          Gamba 8’                                Subbas 16’

                Prestant 8’                            Voix celeste 8’                        Fluitbas 8’

                Bourdon 8’                            Roerfluit 8’                              Trompet 16’

                Salicionaal 8’                         Fluit harm. 4’

                Octaaf 4’                                Larigot 2’

                Nasard 2 2/3’                         Superquint 1 1/3’

                Woudfluit 2’                           Sesquialter II

                Trompet 8’                             Schalmei 8’

Bron: G.M.I.Quaedvlieg – Orgeldocumentatie Limburg (Stadsbibliotheek Maastricht). 

Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua
Antonius van Padua